Hazelaar 2005

Mijn verhaal gaat terug naar zes jaar geleden. Ik ging verhuizen, de winter was bijna voorbij. Erstonden veelstruiken in de tuin, die mijn vader in de afgelopen 15 jaar voor mij had aangeplant. Ze kwamen bijna allemaal uit zijn eigen tuin. Het liefst had ik ze allemaal mee genomen. Er was een speciale erbij.
De hazelaar. 

Mijn vader zei, je kunt die struik niet verplanten,  hij gaat dood als je dat doet. Zo eigenwijs als ik was, haalde ik de struik  uit de grond en plantte hem bij mijn nieuwe huis. In die tijd konden mijn vader en ik het niet zo goed vinden. De lente brak aan, geen nieuwe knoppen, de zomer verscheen. De struik leek te verdorren. Er zat geen groen meer aan, hoewel ik er veel aandacht aan schonk. Ik begon in te zien, dat mijn vader gelijk had. Dit alles vertelde ik aan mijn vader, dat ik zo eigenwijs was en hem niet wou geloven. Weet je wat er gebeurde, de Hazelaar begon te groeien. De knoppen dor en verdroogd werden groen.Dit noem ik liefde. Nu zes jaar later, het zal mij altijd bij me blijven. 

                          Het is een gedachte tussen mijn vader en mij. 
 
                                                               

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Het mes

Categorie: Blog

De Zonnegodin krijgt het mes die ze op de tweede dag van het festival van de Wolvenman die ze in ontvangst neemt. Het maakt haar gelukkig. Zijn energie is er mee verbonden. Ze is super blij als ze dicht de beurt in de buurt van hem is

Vóór het festival droomde ze dat hij op het festival zou verschijnen. De dromen waren verschillend. De ene keer lagen ze samen in het hoge gras, de andere keer hand en hand samen wandelend. Elke keer als ze aan hem denkt, wordt ze heel zacht dromerig van binnen. Sensueel
De derde dag van het festival komt ze tot ontdekking: “ De man die ze met haar hele hart lief heeft loopt een andere Maangodin achterna. Tegen deze situatie is de Zonnegodin niet opwassen en trekt zich terug in het bos. Gelukkig was er een Maangodin die deze situatie begreep en loopt haar achter na. Zo kon Zonnegodin haar hart luchten en alles toevertrouwen aan de Maangodin, en dan keren ze even later terug naar het festival.
De Maangodin wil helemaal niet dat de wolvenman haar elke keer achterna loopt. Zo wordt de wolvenman naar huis gestuurd om over deze situatie na te denken.
Thuisgekomen van het festival ziet Zonnegodin het mes liggen. Wat moet ik nu met het mes doen. De wolvenman heeft er zo zijn best opgedaan bij het maken van het mes. Spontaan krijg ze een idee.” Ik stop hem in de grond. Ja, maar als de honden het mes opgraven, nee dat kan ook niet. In de lavendel struik. Ja, dat is een goed idee”. Zo krijg de geest ook rust en ondertussen krijgt het mes aarde.

De volgende dag stuurt de Wolvenman haar een uitnodiging om samen koffie te drinken en te kletsen. Zonnegodin begint weer te stralen en haar verdriet verdwijnt naar de achtergrond. In haar dromen ziet ze het mes waar het heft bekleed is met touw. Het touw wikkelde zich af en meteen gaat de gedachte. Jee, er is nu een andere situatie ontstaan, zou hij nu toch voor mij kiezen. De hele week droomt ze over wolvenman. Ze kent haar ander gevoelens ook, zoals jaloezie.

Eindelijk is het zover. Vanavond komt wolvenman. Doch op het uur dat hij er zou zijn wordt ze gebeld. Ze hadden pech met de boot en hij komt later. Een uur wachten in volkomen onzekerheid. En dan verschijnt hij. Zonnegodin komt helemaal tot bloei. Samen op het terrasje en een uurtje later voor zijn caravan.
Het uur van de waarheid is gekomen. Vol gevoel van vertrouwen kijkt Zonnegodin en de wolvenman naar de maan. Dan vertelt hij, ik vind je heel speciaal en wil dat je de waarheid weet. “Ik moet nog steeds aan de maangodin denken, ik kan haar niet loslaten. Stroompjes water komen uit haar mooie bruine ogen. Hier is de Wolvenman niet tegen bestand en nodig haar uit om zijn knie te zitten en lekker tegen hem te leunen. De Zonnegodin wil in eerste instantie niet. Doch ze verandert van gedacht. Nu heeft ze de kans om dicht bij hem te liggen, dan doet haar hart niet zo zeer. Van het een komt het andere. Zijn sterke handen liggen op haar buik en langzaam gaan die naar boven. Hier is de zonnegodin niet tegen bestand. De gevoelens de ze probeert te onderdrukken komen in volle gloren naar boven. Zonnegodin beleeft een uur waar ze alles loslaat en samensmelt met hem. Een uur waar ze helemaal in opgaat en volkomen gelukkig is.
Tot er een bepaalde gedachte komt. Mijn hondjes. Haar schuldgevoelens naar de honden neemt toe. Ze zijn al zo lang alleen geweest. Anders was ze de hele nacht bij wolvenman gebleven. De klok slaat één uur in de nacht. De wolvenman nodigt haar uit om over twee dagen te zeilen met andere godinnen. Zonnegodin weet met haar gevoelens geen raad. Van alles spookt er door haar hoofd.
“Laat het mij weten als je komt zegt de wolvenman.

De volgende dag besluit Zonnegodin om toch mee te gaan, hoewel er een storm van gevoelens in haar spookt. Zonnegodin denkt, nu wil ik wel weten of zijn gevoelens voor Maangodin verminderd zijn.Het beloofd een heel zonnige dag te worden. Hoe zal Wolvenman reageren als hij haar ziet. Als het zover is kan de Zonnegodin niet meer spontaan reageren. De pijn, dat hij aan de ander denkt neemt de boventoon. Met volle moed gaat ze mee. Op de boot heeft Zonnegodin het moeilijk. Verdriet en vreugde spelen met elkaar. Als Wolvenman nu een speciaal blik naar haar toe zou werpen zou haar binnenwereld helemaal veranderen. Doch deze blik blijft weg. Zijn aandacht gaat naar de Maangodin. Helaas, toch blijven haar gevoelens voor hem hetzelfde. Avonds weet ze genoeg en roept de volle maan in zich op.” Ik heb je opgeroepen om mij de kracht te geven, om afscheid te nemen van mijn Wolvenman.” Ik heb geen keus.

Op de terugweg in de auto zit Wolvenman naast Zonnegodin. Ze werpt een blijk naar hem en ziet hem naar voren kijken. Waar denk je aan. Hoe graag zou ze hem willen aanraken, strelen. De eindbestemming is genaderd. De laatste knuffels worden uit gedeeld. “Wolvenman ik wil graag dat je nog even binnenkomt, vraagt Zonnegodin.” Vragend kijkt Wolvenman haar aan. Ze loopt naar haar tuin en haalt het mes uit de lavendel struik. Het touw waar het handvat mee was gebonden raakt los, precies zoals in haar droom. Het kwartje is gevallen. Ze weet dat ze niet anders had kunnen handelen. En geeft zijn mes terug. Altijd zal je in mij hart wonen.

Je bent nu vrij.

Een liefhebbende zonnegodin

Het is een nieuw Mythe waar we op zoek zijn in ons Nederlandse spiritualiteit

Mijn doel is mijn weg

Categorie: Blog

 

Ik kan niet meer terug. Verleden heeft te lang op mijn rug gezeten. Ik wil verder naar de toekomst. Licht aan de horizon. Licht dat mij doet verwarmen. Waar pretlichtjes in je ogen verschijnen.

Eindelijk is er licht in de duisternis. Hoe heeft alles kunnen gebeuren, waar je geen toestemming voor hebt gegeven. Nu is mijn eigen wil terug gekeerd naar mijn eigen bron. Vruchtbare bron die nu te kennen geeft :”Maak gebruik van mij. Ik ben je vlam, je vuur, je licht. Power, zacht en stevig. Die je hartje verwarmd.”  
Mijn eigen huis, met verschillende kamers, die schoon en verzorgd en opgeruimd zijn. Wat voelt dit heerlijk aan. Zuiver schoon licht. Ik werk met transformatie en laat het licht schijnen op wat het gene is wat ik wil bereiken. Mijn weg is verlicht en de wanden stralen licht uit. Als ik een keer weer verdwaald, beland ik in de koelcel en dan weet je, dat je niet goed zit.

Warmte levert mij creativiteit op mijn geest, waardoor mijn lichaam ontspant. De rust en leegte die gevuld is met warmte, licht en vreugde. Waardoor het zichtbaar wordt voor de buitenwereld, die mee mag genieten van de vreugde die ik voel in mijn hart.

Mijn weg, mijn doel, mijn leven.
Ik heb geen keuze, dan mijn weg te volgen.
Het verwarmd mijn hart.
Het verwarmd mijn persoonlijkheid.

Mijn doel is mijn weg

 

Levensvreugde

Categorie: Blog

Levensvreugde

Ze is verbijsterd. Sabrina kende zichzelf niet meer terug. Haar wereld was gehuld in een donkere nacht. Door de mist was ze het spoor kwijt geraakt. Met een zicht van één meter. Ze worstelde zich er doorheen om naar het licht te komen. Daar lagen al de antwoorden op haar vragen.
Donkere figuren begluurden haar achter de bomen. Aangekomen op een t splitsing staat ze voor een keuze. Neemt ze de linker of de rechter pad. Als ze links afslaat wordt ze overvallen door een hagelbui. Neemt ze de rechterafslag, dan raakt ze verzeilt in een fikse onweersbui. Moeilijk is de beslissing niet. Liever uitzien als een verzopen katje dan de grote korrels hagel. Die doen zo pijn op haar huid.

De weg ligt vol met hobbels en kuilen. Oeps, ze valt de diepte in. Blikseminslag heeft ervoor gezorgd dat er een spleet in de weg is ontstaan. Au, au, au, de zijwanden bezorgen haar gekneusde plekken.
Voor dat ze de bodem bereikt is het haar duidelijk geworden. Dit ga je niet redden. Zacht belandde ze in de modder. Getverdemme, wat vies, getverdemme, wat lekker zacht. Wat een geluk heeft ze. De bodem is zacht, smeuïg. Langzaam komt ze overeind. Tot haar verbazing voelt de bodem heel stevig aan. Met haar bruine ogen speurt ze de omgeving af. Ze kijkt omhoog en ziet in de verte licht. Hoe kom ik omhoog. Lieve help. Ligt ze eindelijk zacht en toch wil ze terug naar de bewoonde wereld. Iets in zichzelf dwingt om de situatie te overzien. Zweetdruppels verschijnen op haar gezicht.

Het is hier nog eens niet koud. Ze bekijkt de wanden. Rode stenen steken uit de wand. Ja, daar kan ze bij. Met veel inspanning bereikt ze de rode stenen. Als ze eenmaal op deze stenen staat, overkomt haar een gevoel. Blijft bij je jezelf, zoek de kracht die vanuit de aarde, door je voeten omhoog gaat. De voeten beginnen te tintelen. Jee, als Sabrina maar niet valt. Toch blijven ze heel stevig op de stenen staan. Het is net of ze zijn verankerd. Ze voelt de moed om verder naar boven te klimmen. Haar onzekerheid is aan het wegvallen.
En daar ziet ze meteen de volgende stenen. Ze zijn gekleurd in oranje. Met haar handen omhoog, klimt ze op de oranje stenen. Oeps, meteen als ze erop staat gaat de kleur oranje door haar lichaam heen. Haar ogen kijken ondeugend. Speels en bijna huppelend bereikt ze nu de gele stenen. Zo gauw ze erop staat gaat haar lichaam stralen. In haar ogen weerspiegelt de zon. En wordt helemaal gevoed door de zon. Zo sterk als ze nu is, klimt ze naar de volgende kleur, groen. Haar hart gaat nu tekeer. Klop, klop. Wie klopt er aan mijn hart? Ze maakt haar innerlijke deur open. Een stroom van warmte trekt door haar hele lichaam. Deze warmte is nog lekkerder dan het zonlicht. Ze bekijkt nu haar situatie waar ze nu inzit vanuit haar hart. Hoe heeft ze, toch zo kunnen vallen. Het is wel knap van haar dat ze heeft gewaagd aan deze klimtocht. Vanuit haar hart ziet ze hoe ze vroeger leefde. Jawel, er is wel degelijk iets veranderd bij Sabrina. Moed, levenslust is terug gekeerd.
Ha, daar ziet ze blauw stenen. Met een gemak klimt ze op de stenen. Ze kijkt naar haar lichaam. Alles is blauw. Blauwe handen, voeten, lippen. Zelfs haar kleur van haar ogen zijn veranderd in blauw. Uit haar keel borrelt een liedje omhoog. “Ik heb je zo lief. Ik heb je zo lief. Als de regenboog zo lief.” Met dit liedje klimt ze verder omhoog. Met haar blote voeten staat ze op indigo stenen. Wederom kijkt ze naar lichaam en ziet dat al haar gekneusde plekken zijn verdwenen. Ze kijkt naar beneden en alle stenen fonkelen.
Nu nog het laatste stukje. Met een kleine sprong is ze uit de diepte en staat ze volop in het wit te licht. Omringd door alle kleuren van de regenboog

Herfst

Categorie: Blog


Het zijn weer van die dagen, niets maakt je blij. De spiegel zou bijna barsten Leegte lijkt zo leeg. Het zonnetje staat op zijn allerbest te schijnen. De bladeren verkleuren van groen naar oranje/rood. Telkens weer overvalt je het gevoel. Lust is uit je lichaam getrokken. Je hebt niets speciaal in het voor uit zicht waar jezelf aan kan opkrikken. De herfst gaat in je wonen. De bladeren vallen, alleen je wie niet waar ze terecht komen. Moet je ze oprapen of laten liggen. Je hebt alle tijd om iets te ondernemen en toch blijven de bladeren liggen. Ze liggen te rusten om Langzaam weg te verteerd te worden. 

Stemmingswisseling, dat is het juiste woord. Eerst zo blij dat ze vallen en nu, wat moet je ermee. De levenssappen worden terug getrokken. Je komt in de ruimte van rust. Mijn kruin wordt steeds kaler. Straks zitten er geen bladeren meer op mijn hoofd. En toch weet je dat zit te wachten op nieuw zaadjes die zijn gevallen om opnieuw tot bloei te komen. Er blijft niets anders over dan genieten van kleurenspel.